De eerste biografie over Alwine de Vos van Steenwijk: Barones tussen de armen

Barones tussen de armen

Door Ton Redegeld

Op 2 januari 1960 ontmoet Alwine Antoinette Barones de Vos van Steenwijk (1921 – 2012), op dat moment diplomate verbonden aan de Nederlandse permanente vertegenwoordiging bij de OESO in Parijs, père Joseph Wresinski, de oprichter van de beweging, in het verschrikkelijke kamp van Noisy le Grand. Getroffen door de werkelijkheid en de uitsluiting van de talrijke families daar en onder de indruk van de eenzame priester die vast besloten is en eind te maken aan die ellende, gaat ze in op zijn vraag wetenschappelijk onderzoek te doen. Ze wordt een van de eerste volontairs1 van de beweging en een van zijn belangrijkste medewerkers. Dankzij haar is ATD het eerste particulier initiatief ter bestrijding van armoede met een eigen onderzoeksinstituut. In 1973 wordt ze voorzitter van de internationale beweging ATD Vierde Wereld. In 2002 draagt ze het voorzitterschap over.

Astrid Schutte beschrijft een vrouw die de samenleving heeft beïnvloed

Over Alwine de Vos van Steenwijk (voor ons mevrouw De Vos) heeft Astrid Schutte, een Nederlandse auteur, onlangs de eerste biografie uitgebracht onder de titel: ‘Barones tussen de armen2. De schrijfster heeft daarvoor vele bronnen geraadpleegd. Ze kreeg medewerking van de familie, had toegang tot correspondentie en nationale archieven. Ze sprak met oud-collega’s, met vele volontairs en andere leden van de beweging. Op die basis geeft ze een inzicht in het persoonlijk leven, de achtergrond, ouders, zussen en broers, kindertijd, jeugd, opleiding, het verzet in de oorlog, vrienden, liefdesleven, het werk als diplomate, gezondheid en haar werk voor de beweging…

Ik heb vanaf 1971 in Nederland en later in het kader van het team voor internationale betrekkingen van de beweging lang met mevrouw De Vos samengewerkt. Als team schreven we brieven, nota’s, organiseerden bijeenkomsten en vergaderingen. We hebben haar, met père Joseph, bij vele ontmoetingen met leiders van internationale instanties begeleid. Met ons was mevrouw De Vos discreet over haar persoonlijk leven. We kenden dat alleen bij stukjes en beetjes.

De studie van Axelle Brodiez-Dolino over de geschiedenis van ATD Vierde Wereld3, met als ondertitel: ‘de strijd tegen armoede van een krottenwijk naar de VN’ beschrijft, onder meer, de unieke bijdrage van mevrouw De Vos aan deze verrassende ontwikkeling van de beweging. Maar er is weinig over haar persoonlijk leven te vinden.

In de gesprekken tussen mevrouw De Vos en Pierre Dogneton4 die een inzicht wil geven in haar visie op de beweging, brengt ze een aantal belangrijke aspecten in de geschiedenis van de beweging5 naar voren, maar eerder als vertolker van de ideeën van père Joseph.

Dat is anders in de biografie van Astrid Schutte. Die geeft een goed beeld van het leven van mevrouw De Vos, het verloop, de vragen die zich voordeden, de beslissingen en initiatieven die ze nam. Tijdens presentaties van haar biografie karakteriseert Astrid Schutte mevrouw De Vos als een moedige vrouw die haar comfortabele leven opgaf voor de allerarmsten, die grote keuzes maakte en een belangrijke invloed had op de samenleving. Ze betreurt het dat zo weinig mensen van haar gehoord hebben.

In het eerste hoofdstuk van het boek vertelt de schrijfster dat ze op zoek was naar een nieuw onderwerp en een encyclopedie onder ogen kreeg getiteld: 1001 Vrouwen in de 20ste eeuw van Els Kloek6. Daarin staan een aantal biografieën van belangrijke, maar praktisch onbekend geworden Nederlandse vrouwen, waaronder een korte tekst over mevrouw De Vos. Ze besluit over haar een biografie te schrijven.

Met diplomatie vechten tegen schrijnende armoede

Mevrouw De Vos komt uit een bevoorrecht milieu. Haar grootvader van moederskant was adjudant aan het hof van de laatste Duitse keizer, Willem II. Haar grootvader in Nederland was voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal. Ze werd geboren in een villa vlak bij het strand in Noordwijk aan Zee. Haar omgeving bood haar bescherming. Met haar zussen had ze een Zwitserse kinderjuffrouw die Frans sprak. Ze sprak Duits met haar moeder. Maar ze verkeerde in een maatschappelijk isolement. Ze ging niet naar de lagere school, maar kreeg thuisonderwijs. Eerst op weg naar het gymnasium in Leiden, waar ze met de tram heen mocht, zag ze de realiteit van de werkelozen bij het stempellokaal aan de Garenmarkt daar.

Mevrouw De Vos brak met familietradities door zich te bekeren tot het katholicisme en zich aan de zijde van père Joseph Wresinski te scharen. Ze was als een van de eerste Nederlandse vrouwen doorgedrongen tot de Diplomatieke Dienst, waar deze eerder niet welkom waren. Van het Diplomatenklasje met vijftien mannen en nog een andere vrouw dat het attaché-examen deed, haalde ze de beste resultaten. Het boek geeft een kijkje in het werk aan Nederlandse ambassades, in Washington, Bonn en Parijs.

Na haar ontmoeting met père Joseph brak mevrouw De Vos haar carrière af. ‘Goede werken doen’ kenmerkt het leven van veel adellijke vrouwen, maar mevrouw De Vos zette zich in voor structurele veranderingen in de maatschappij. Ze had geen gemakkelijk leven, ondervond weinig steun van familie of vrienden.

Mevrouw De Vos wist waar haar krachten lagen: vrienden maken, relaties aanknopen, boeken bestuderen, nota’s schrijven, dossiers opstellen, onderhandelen, diplomatiek optreden, strategieën ontwikkelen. Ze was een pionier op het gebied van onderzoek naar extreme armoede. Daarvoor organiseerde ze verschillende internationale colloquia in de jaren 1960. Ze wist erkende sociologen aan te trekken zoals: Peter Townsend, (UK), Lloyd Ohlin (VS), Seymour Miller (VS), Jules Klanfer (A), Henning Friis (DK), Jean Labbens (F), Christian Debuyst, een Belgische criminoloog. Dank zij haar relaties uit die tijd kreeg de jonge beweging in Nederland in de jaren 1970 subsidies.

Samen met père Joseph Wresinski en volontairs die ze de kneepjes van de diplomatie bijbracht, wist ze leiders van internationale instellingen zoals de Europese Unie, de Raad van Europa, de Verenigde Naties en haar gespecialiseerde organisaties zoals Unesco, Unicef, het internationaal Arbeidsbureau, het Hoog Commissariaat voor de Mensenrechten in Genève te benaderen. Dankzij deze inspanningen wordt extreme armoede voortaan internationaal erkend als een schending van het geheel van de mensenrechten.7

Bezorgd om de nalatenschap, het gedachtegoed van père Joseph Wresinski veilig te stellen

Mevrouw De Vos koos ervoor om niet zichzelf maar père Joseph Wresinski en zijn gedachtegoed in het volle licht te zetten. Dit was geen sekse-stereotype keuze. Ze hield zichzelf bewust op de achtergrond, omdat ze aanvoelde dat – gezien zijn geringe afkomst – de fundamentele ideeën en veranderingen die hij bracht, gekaapt zouden kunnen worden door iemand uit hogere klasse en dat hij en zijn gedachtegoed volkomen vergeten zou worden.

Het boek toont indirect ook de gave van père Joseph Wresinski om medewerkers van die kwaliteit aan te trekken en te inspireren. Hij wist, volgens zeggen van mevrouw De Vos, over te brengen dat het onmogelijk was een einde te maken aan de diepste armoede, als er geen vrouwen en mannen zijn die zich er volledig op toeleggen om de kloof tussen de armsten en de rest van de wereld te overbruggen.

Na het overlijden van père Joseph Wresinski in februari 1988, heeft mevrouw De Vos met het internationaal secretariaat daarom drie doelstellingen nagestreefd: de nalatenschap, het gedachtegoed van de oprichter veilig stellen, een vervolg geven aan het Wresinski-rapport van de Franse SER ‘Grande pauvreté et précarité économique et sociale’ (februari 1987) en de erkenning van het volontariaat als een specifieke vorm van inzet van mensen.

Ze heeft bijvoorbeeld de basis gelegd voor het ‘Centre de mémoire et de recherche Joseph Wresinski’ in Baillet en France. Ze archiveerde, publiceerde postume teksten van père Joseph en werkte met een aantal medewerkers aan het dossier voor zijn zaligverklaring door het Vaticaan.

Einde jaren 1990, toen ze bijna 80 was, hielp ze om in Nederland een theatergroep op te zetten met en over mensen in ernstige armoede.

Astrid Schutte is, ook volgens recensies in nationale dagbladen, erin geslaagd een eerlijke, goed gedocumenteerde, leesbare biografie te schrijven. De levensweg van mevrouw De Vos is uitzonderlijk. Het blijft een mysterie hoe een persoon met zulke capaciteiten uit een bevoorrecht milieu zich met hart en ziel aan de zijde van een eenvoudige priester heeft willen scharen, die met een diep armoedige, uitgesloten, vaak verwenste bevolkingsgroep optrok. Tot aan het einde heeft ze zich ingespannen om zijn ervaring en gedachtegoed te verspreiden en ook voor de toekomst veilig te stellen.

  1. De permanente medewerkers van de beweging noemen we ook volontairs. Ze vormen een internationaal volontariaat. Ze stellen zich voor langere tijd beschikbaar om met en voor heel arme en uitgesloten bevolkingsgroepen te werken op plekken waar de beweging hen nodig heeft. Momenteel zijn rond de 400 mensen lid van dit ‘Internationaal volontariaat’ en werkzaam in een dertigtal landen verspreid over de wereld.
  2. Astrid Schutte: Barones tussen de armen (Amsterdam, Uitgeverij Unieboek / het Spectrum bv, 2025) 320 blz. € 22,99
  3. Brodiez-Dolino, Axelle : ATD Quart Monde, une histoire transnationale. La lutte contre la pauvreté, d’un bidonville à l’ONU (Paris, Presses universitaires de France/Humensis, 2025)
  4. Dogneton, Pierre : Ambassadrice auprès des plus pauvres (Paris, l’Harmatan, 2001)
  5. James Jaboureck en Daniel Fayard hebben, op 5 juli 2021, het boek van Dogneton gepresenteerd, ter gelegenheid van de honderdste geboortedag van mevrouw De Vos (Centre de mémoire et de recherche Joseph Wresinski)
  6. Els Kloek :1001 Vrouwen in de 20ste eeuw (Nijmegen, Vantilt, 2018)
  7. ONU : Principes directeurs sur l’extrême pauvreté et les droits de l’homme soumis par le Rapporteur spécial, Magdalena Sepùlveda Carmona. (A/HRC/21/39 et A/HRC/21/L20, adoptée le 27 septembre 2012). Voor een Nederlandse vertaling van deze Richtlijnen inzake extreme armoede en mensenrechten, zie: Vierde Wereld Verkenningen no. 21 – 22. (Den Haag, ATD Vierde Wereld, 2013)